Anticiperen en afleiding

Wat we zeker wetenWaar het misgaatWat je doet
Stoppen binnen de zichtafstandDe norm is geen snelheid maar een VERMOGEN: kunnen stoppen binnen de afstand die je overziet ÉN die vrij is. Twee voorwaarden, allebei nodig.Denken dat je binnen de limiet altijd goed zit. Bij mist, in een bocht of achter een heuveltop is de toegestane snelheid vaak al te hoog voor art. 19.De snelheid aanpassen aan wat je overziet, niet aan wat het bord toestaat.
Het apparaat vasthoudenVerboden is het VASTHOUDEN, niet het gebruiken. De wet noemt uitdrukkelijk telefoon, tablet én mediaspeler — en zegt «in elk geval», dus de lijst is niet uitputtend.Het lezen als «bellen mag niet». Handsfree bellen is niet verboden; een telefoon op schoot vasthouden bij stilstand voor rood licht wél — je bestuurt dan nog steeds.Het apparaat in de houder of weg — vasthouden is verboden, ook stilstaand.
Wat het risico echt verhoogtVolgens SWOV verhogen vooral activiteiten die de OGEN lang van de weg halen het ongevalsrisico: een nummer intoetsen, appen, reiken naar iets in de auto, langdurig kijken naar iets buiten de auto. Het risico op kop-staartbotsingen neemt daarbij het meest toe.Alle afleiding op één hoop gooien. Het onderscheid is niet «telefoon of niet», maar «hoelang zijn je ogen van de weg». Een navigatiesysteem instellen telt mee, meepraten met een passagier veel minder.Alles wat je ogen langer dan een oogwenk wegneemt, vóór het wegrijden doen.
Het effect houdt aanSWOV citeert een Australische simulatorstudie: NA afronding van een afleidende taak zijn de detectie van signalen in de ooghoek en de variatie in snelheid en zijdelingse positie nog ongeveer 40 seconden slechter, met het grootste effect in de eerste 10 seconden.Denken dat je er weer bent zodra je het scherm wegduwt. Bij 100 km/u is 40 seconden ruim een kilometer — en de eerste tien seconden zijn de slechtste.Na een onderbreking bewust weer opbouwen: afstand vergroten en snelheid laten zakken.
Compensatie is geen oplossingSWOV meldt een schijnbare tegenstrijdigheid: een Amerikaanse analyse vond bij bellen (handsfree én handheld) géén hoger ongevalsrisico, terwijl simulatorstudies wél verslechtering laten zien. Een mogelijke verklaring is compensatie — bestuurders kiezen rustiger situaties uit om te bellen.Hieruit lezen dat bellen dus veilig is. Compensatie werkt alleen zolang de situatie voorspelbaar blijft — en juist het onverwachte is waar afleiding je pakt.Alleen bellen waar de situatie voorspelbaar is, en ophangen zodra dat verandert.
Claxon en lichtsignaalToegestaan UITSLUITEND ter afwending van dreigend gevaar. Eén doel, en de wet noemt geen tweede.Ermee «bedanken» of iemand doorlaten. Dat is geen gevaarafwending, en het is bovendien onduidelijk: de ander weet niet of jij hem waarschuwt of uitnodigt.De claxon bewaren voor dreigend gevaar en anders je hand gebruiken om te bedanken.
VolgafstandArt. 19 noemt geen seconden en geen meters — het eist dat je kunt stoppen binnen wat je overziet en wat vrij is.Een vast getal onthouden en het bij regen of duisternis niet aanpassen. De norm is een vermogen, geen afstand.De afstand vergroten zodra iets het zicht of de grip vermindert — dat is de enige manier waarop je aan art. 19 blijft voldoen.
Rekenen op de fout van een anderDe wet verplicht je te kunnen stoppen binnen wat VRIJ is. Of de weg vrij blijft, hangt ook af van wat anderen doen.Uitgaan van je eigen gelijk. Voorrang hebben verandert niets aan de vraag of je nog kunt stoppen.Bij elke andere weggebruiker een fout inplannen die hij zou kunnen maken, en daar ruimte voor houden.

De wet zelf

  • RVV1990 art. 19

    «De bestuurder moet in staat zijn zijn voertuig tot stilstand te brengen binnen de afstand waarover hij de weg kan overzien en waarover deze vrij is.»

  • RVV1990 art. 61a

    «Het is degene die een voertuig bestuurt verboden tijdens het rijden een mobiel elektronisch apparaat dat gebruikt kan worden voor communicatie of informatieverwerking vast te houden. Onder een mobiel elektronisch apparaat wordt in elk geval verstaan een mobiele telefoon, een tabletcomputer of een mediaspeler.»

  • RVV1990 art. 28

    «Bestuurders mogen slechts geluidssignalen en knippersignalen geven ter afwending van dreigend gevaar.»

  • RVV1990 art. 3 lid 1

    «Bestuurders zijn verplicht zoveel mogelijk rechts te houden.»

  • SWOV Factsheet Afleiding in het verkeer (juli 2020)

Gecontroleerd op: